Week van de ouderenpsychiatrie 2024

Voorzitter afdeling ouderen
Prof. dr. G.J. Hendriks

“Als je doet wat je deed, krijg je wat je kreeg”

Hiermee bedoel ik te zeggen dat als je vindt dat dingen anders moeten, bijvoorbeeld in de organisatie waar je werkt, dat je zelf daar een begin mee moet maken en naar voren moet stappen.

Gert-Jan, je bent sinds 2024 voorzitter van de afdeling ouderen van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie. Wat drijft jou in je vak als psychiater?

Mijn primaire drijfveer is altijd geweest om een bijdrage te leveren om de zorg voor patiënten met psychische stoornissen op een hoger niveau te krijgen. Daarom heb ik vanaf het moment dat ik als psychiater ben gaan werken een combinatie gezocht van hoogwaardige zorg, innovatie van behandeling, bijdragen aan opleidingen, kennisverspreiding en wetenschappelijk onderzoek (m.n. naar het verbeteren van behandelingen). Mijn focus ligt bij mensen met complexe angst-, dwangstoornissen en ptss (over de gehele levensloop), en sinds een aantal jaren ook meer bij depressie, met het accent op psychologische behandelingen en de augmentatie daarvan.

Waarom vind je de oudere doelgroep zo belangrijk?

Ik heb een keuzestage gedaan in de klinische ouderenpsychiatrie bij toen nog het algemeen psychiatrisch ziekenhuis Wolfheze (nog voordat het een aandachtsgebied was) en heb dat als heel positief ervaren. Ik ben promotie-onderzoek gaan doen naar de behandeling van angststoornissen bij ouderen. Dat is nu bijna 25 jaar geleden en dat was en is nog steeds een niche binnen de ouderenpsychiatrie. Het contrast met wetenschappelijk onderzoek tussen ouderen met depressies en met angst-, dwangstoornissen en/of PTSS is gigantisch. Om een voorbeeld te geven. We hebben kort geleden een cochrane systematische review en meta-analyse naar cognitieve gedragstherapie en angst-, dwangstoornissen en PTSS gepubliceerd. Wereldwijd heb je het dan over een handjevol studies met in totaal ongeveer 1.200 patiënten. Studies naar sociale angststoornissen of dwangstoornissen zijn er niet. Het is nog steeds schrijnend hoe weinig er bekend is over de behandeling van deze stoornissen bij ouderen. Daarnaast worden ouderen met angst- en depressieve stoornissen veel minder vaak gericht behandeld daarvoor in vergelijking met jongere volwassenen met deze stoornissen. Vaak spelen vooroordelen en stereotiepe opvattingen over ouderen daar een rol bij. Werk aan de winkel dus. Daarmee heb je mijn beweegreden wel te pakken.

Wat hoop je met jouw voorzitterschap te kunnen bereiken de komende vier jaar?

Wat ik hoop is dat we bij beleidsmakers voor elkaar krijgen dat men de oudere doelgroep bij beleidskeuzes niet vergeet. Uiteraard moet je investeren in het verbeteren van de psychische zorg voor kinderen en jeugdigen. Het is een groot onrecht dat de jeugdggz los is georganiseerd van de rest van de ggz. Echter, niet investeren in een goede ggz voor ouderen heeft als risico dat zorgconsumptie sterk zal stijgen, zeker nu door demografische ontwikkelingen het aantal ouderen in onze samenleving snel stijgt. Met een eenvoudige studie hebben wij laten zien dat als je ouderen met depressie een goede psychologische behandeling aanbiedt in de huisartspraktijk dit per oudere patiënt tot een kostenbesparing kan leiden die kan oplopen tot ‚Ǩ1.500,- per persoon (zowel afname in zorg- als maatschappelijke kosten). Naast het benadrukken van belang voor goede ggz voor ouderen, hoop ik het netwerk met collega-verenigingen zoals Verenso, de NVKG, de vereniging Gerontopsychiatrie, de V&V en de LHV te versterken. Ik denk dat het goed als de ouderenpsychiater een constructieve rol speelt in de gehele ketenzorg, dus niet alleen de S-GGZ en “achterkant” daarvan, de verpleeghuizen, maar ook aan de “voorkant” richting de 1e lijn en de huisarts.

Heb je tot slot nog tips of aanbevelingen voor artsen in opleiding die geïnteresseerd zijn in de ouderenpsychiatrie?

Lees de oraties van de hoogleraren in Nederland die zich met ouderenpsychiatrie bezighouden. Dat is een handjevol, dus daar ben je zo doorheen en het is inspirerend om de visies te lezen van bijvoorbeeld Roos van de Mast, Richard Oude Voshaar, Eric van Exel, Bas van Alphen. Mijn eigen oratie heet “oud geleerd, oud gedaan”.  En binnenkort komt de oratie van Arjan Videler.

Openbare les, Sjacko Sobczak

Meer weten over dementie en klachten van angst, depressie of psychose die daarbij kunnen optreden? Lees snel verder!

Sjacko Sobczak

Als ouderenpsychiater zien we ook mensen met dementie die last hebben van angst, depressie of psychose. Deze klachten kunnen de kwaliteit van leven van ouderen en hun mantelzorgers aanzienlijk verminderen. Het herkennen en behandelen van angst, depressie of psychose bij dementie is daarom belangrijk.

Wat weet jij over dit onderwerp? Test het hieronder!

  1. Neuropsychiatrische aandoeningen zoals psychose, angst of depressie komen ten minste eenmaal voor:

    a. Bij 50-60% van de mensen met dementie
    b. Bij 60-70% van de mensen met dementie
    c. Bij 80-90% van de mensen met dementie

  2. Gemiddeld 43 procent van de Nederlanders krijgt in zijn leven minstens één psychische aandoening (Bron Trimbos). Welke stelling is waar:

    a. Bij mensen met dementie is dit getal vergelijkbaar
    b. We weten niet hoe vaak psychische aandoeningen voorkomen bij mensen met dementie.
    c. Bij mensen met dementie is dit getal lager omdat psychische aandoeningen ‘uitdoven’ tijdens het dementie proces

  3. Traumatische levensgebeurtenissen kunnen bij mensen met dementie alsnog tot psychische klachten leiden, zoals een late-presentatie Posttraumatische Stress Stoornis (PTSS). Welke stelling is juist (meerdere opties mogelijk):

    a. PTSS bij mensen met dementie presenteert zich vooral door hevige herbelevingen.
    b. PTSS bij mensen met dementie is geassocieerd met gedrag als schreeuwen en dwalen.
    c. Zorgweigering, zoals weerstand tijdens het wassen, kan een aanwijzing zijn dat er eerdere traumatische gebeurtenissen zijn geweest zoals seksueel misbruik.
    d. Behandeling van PTSS bij mensen met dementie is weinig zinvol. Het best is om er in de zorg rekening mee te houden door een traumasensitieve benadering.

  4. Herkennen van psychische aandoeningen en bijbehorende behoeften bij mensen met dementie is belangrijk om gepaste zorg te leveren. Maar dit herkennen kan moeilijk zijn. Waarom? (meerdere antwoorden mogelijk)

    a. Omdat de presentatie van psychische aandoeningen bij ouderen en ook mensen met dementie niet altijd voldoet aan de criteria volgens de DSM-5.
    b. Omdat er bij mensen met dementie ook nog andere problemen kunnen spelen zoals een delier.
    c. Omdat er niet altijd voldoende expertise is op het gebied psychische aandoeningen en dementie, de kennis en het onderzoek op dit gebied is nog beperkt.

  5. Mensen met psychische aandoeningen presenteren zich steeds vaker in sectoren buiten de ggz in de zorgketen.
    a. Dit is juist
    b. Dit is onjuist
  6.  

Juiste antwoorden: 1c; 2b; 3b,c; 4a,b,c; 5a;

Wil je meer weten of hierover het gesprek aangaan?

Kom dan 28 november naar de openbare les van Sjacko Sobczak. De openbare les vindt plaats op van 13.30 – 16.30 uur in het Drijvend Paviljoen te Rotterdam. Daarnaast zal er ook een mogelijkheid zijn om online aan te sluiten.

Een kijkje in de keuken van...

Opleider Ouderenpsychiatrie
Sebastiaan van Denderen

Sebastiaan van Denderen is profielopleider ouderenpsychiatrie bij GGZ Rivierduinen. We hebben hem 5 vragen voorgelegd om uit te vogelen wat opleiden in de ouderenpsychiatrie nou zo leuk maakt.

Waarom ben je profielopleider geworden?

Ik werd door Roos van der Mast gevraagd of ik haar op dit vlak wilde opvolgen en vond dat een grote eer. Ik voel me namelijk erg thuis in de ouderenpsychiatrie en voel veel affiniteit met de doelgroep. Daarnaast houd ik erg van alles wat met opleiding te maken heeft dus de functie past bij mij.

Wat trekt jou aan in de ouderenpsychiatrie?

Elke casus is volstrekt uniek. Volwassenen zijn ook allemaal uniek, maar doordat er ontelbaar veel manieren zijn om te verouderen (per orgaansysteem, maar ook psychologisch en sociaal) zijn ouderen nog unieker. Dat biedt veel uitdaging aan de psychiater om door de bomen het bos nog te zien en passende behandeling te bieden. Daarnaast geniet ik van het contact met ouderen. Het is toch een wat meer beschouwende levensfase waarin mensen op zoek gaan naar wat echt waardevol is in het leven en wat zingeving biedt. Dat vind ik erg interessant om onderdeel van te zijn.

Wat leer jij van jouw AIOS?

Elke AIOS neemt stukken ervaring of kennis mee die mij onbekend zijn. Soms is dat vanuit een eerdere werkplek, soms ook gewoon iets uit het persoonlijke leven. Ik leer daarvan dat er meerdere wegen naar Rome zijn. Er is niet één beste manier die voor iedereen geldt. 

Waar ben jij het meest trots op m.b.t. het opleiden?

Ik besteed veel aandacht aan werkplezier en een gezonde balans tussen werk en privé van de AIOS. Ik merk namelijk dat AIOS druk zijn om te voldoen aan alle verwachtingen binnen de opleiding en dat is niet de prettigste manier om te leren. Om als psychiater te werken is het belangrijk dat je jezelf toestaat om te genieten van de mooie kanten van het vak en dat je dicht bij jezelf blijft, het moet geen verzameling trucjes worden. De ontwikkeling van een arts hierin vind ik heel mooi om mee te maken en het maakt me zeker trots om daaraan bij te dragen.

Wat zou je willen meegeven aan alle psychiaters die nog twijfelen of het opleiderschap wel iets voor hen is?

Zijn die er dan? Ik dacht dat iedereen dit wilde. Nou, ik zou zeggen dat het een extra dimensie aan ons werk geeft, helpt om te blijven discussiëren over wat goede zorg is en wat er anders moet, helpt om nieuwe ontwikkelingen uit de rest van de geneeskunde en andere afdelingen mee te krijgen en dat het leuk is om met ambitieuze nieuwe collega’s samen te werken. Daarnaast is de groep profielopleiders ouderenpsychiatrie een fijne groep mensen waar je graag bij wil horen, ik in elk geval wel.

Scroll naar boven